Door Ingrid Wolsing op 1 november 2014

Huishoudelijke hulp: voor iedereen die het écht nodig heeft

Ik sluit deze week af met een moe maar voldaan gevoel. In de afgelopen weken is er bijna dagelijks overleg geweest over de wijze waarop wij de huishoudelijke hulp vanaf 2015 moeten gaan organiseren. Het beleidsplan WMO is vastgesteld door de gemeenteraad. In dat beleidsplan staat dat wij vanaf 1-1-2015 er van uit gaan dat onze inwoners zelf verantwoordelijk zijn voor een schoon huis. Voor alle mensen die zich nieuw aanmelden voor hulp is dat goed te organiseren en kun je maatwerk leveren. Maar hoe moeten we dat nu gaan doen met de 1250 mensen die nu gebruik maken van huishoudelijke hulp? Het is geen leuke boodschap die je te melden hebt.  Het probleem daarbij is ook nog dat wij als gemeente al jaren tekort komen op de huishoudelijke hulp en vanaf 2015 te maken krijgen met nogmaals een bezuiniging van 1,2 miljoen (ongeveer 40% van het totale budget voor huishoudelijke hulp) en dat er financieel geen ruimte is om heel ruimhartig te zijn. Kortom een heel lastige kwestie.

Vandaar dat besloten is om mensen die een indicatie hebben tot 1-1-2015 snel op de hoogte te stellen van de nieuwe situatie. Dan hadden ze nog voldoende tijd om iets te regelen.  Dus moest er een duidelijke brief komen. Achteraf gezien was de brief duidelijk, maar de toonzetting veel te hard. Ik vind het heel vervelend dat we daar blijkbaar onvoldoende aandacht aan hebben besteed. Gelukkig was het maar een klein deel van de 1250 mensen die deze brief hebben gekregen en is er de mogelijkheid om het voor de overige mensen anders te verwoorden. Dat gaan we ook doen.

Het meest ingewikkeld van dit alles was: hoe omschrijf je nu wat een schrijnend geval is en wat is nu maatwerk. Want voor deze groep blijft huishoudelijke hulp gewoon door de gemeente vergoed worden. De juiste omschrijving heeft mij (en met mij beleidsambtenaren) veel hoofdbrekens gekost. Want hoe bepaal je nu eenduidig wat een schrijnend geval is? Ik ben daarover ook in gesprek geweest met de WMO-consulenten. Zij maken dagelijks schrijnende gevallen mee en uit dat gesprek bleek ook dat het heel divers is. Kortom: veel gesprekken, veel uitzoekwerk en discussie. Begin deze week was alles gereed en kunnen we we nu ook ECHT de schrijnende gevallen gaan helpen. Gisteren heb ik de werkwijze uitgelegd aan de sociale raad en aan de gemeenteraad en zij kunnen zich er in vinden. Er valt nog een heleboel te doen want ik wil dat de mensen die al een brief hebben gehad zo snel mogelijk een nieuwe indicatie krijgen en uitleg over hun specifieke (maatwerk) situatie. En dan nog die 1000 mensen die nog geen bericht hebben gehad. Ook dat moeten we zo snel mogelijk regelen. Dus sluit ik deze week moe maar voldaan af.

 

Ingrid Wolsing

Ingrid Wolsing

Woont: In Didam   Dit ben ik: Ik ben vanaf mijn studententijd (en dat is al weer heel lang geleden) politiek actief. Enkele jaren na mijn studie ben ik weer in Didam gaan wonen en wilde ik mij met de gemeentelijke politiek bezig houden. Ik ben toen lid geworden van de PvdA omdat dat de

Meer over Ingrid Wolsing