Door op 18 juni 2014

Mijn eerste weken in de gemeentepolitiek

Zo, de kop is er af! Als nieuweling in de gemeentepolitiek is het wel even wennen en vooral aanpoten. Dikke pakken papier in de bus die je ook nog eens in korte tijd moet doorakkeren. Zeker als lid van commissie Maatschappij en Organisatie waarin komende tijd een paar hele grote onderwerpen inhoudelijk besproken moeten worden en waarover de gemeenteraad voor het einde van dit jaar besluiten moet nemen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de vraag hoe wij in onze mooie gemeente het voor elkaar gaan krijgen dat inwoners goede zorg blijven krijgen nu de rijksoverheid de organisatie daarvan per 1 januari 2015 over laat aan de gemeentelijke overheden. Daarbij ook nog eens op een manier die effectiever is door het dicht bij de mensen te organiseren. Een ander groot onderwerp is de werkgelegenheid voor mensen met een achterstand tot de arbeidsmarkt als gevolg van een handicap. Hoe gaan we als gemeente er voor zorgen dat juist deze kwetsbare groep mensen meer kans krijgen op echt werk en er voor zorgen dat inwoners die hun baan verliezen toch weer snel aan het werk komen en mocht dit toch om wat voor reden niet lukken wel hun huur kunnen blijven betalen.

Gelukkig heb ik vanuit mijn werkervaring een goed beeld waar het allemaal over gaat. En belangrijker nog, wat al deze veranderingen voor gevolgen kunnen hebben voor mensen. Dus dat maakt het wel makkelijker om snel te snappen waar we het eigenlijk over hebben, of beter nog, waar we het over zou moeten gaan. Juist de mens (inwoner) staat centraal wat mij betreft!

Maar ondanks de vele stukken die ik moet lezen is het wel heel leuk om deel te nemen aan het hele proces dat vooraf gaat aan een uiteindelijke verandering van hoe het beleid uitgevoerd moet worden wat ik in mijn dagelijkse werk doe.

Het was ook wel even wennen de eerste officiële vergadering van de commissie. Nu zit je zelf in die licht blauwe draaistoeltjes. Nu ben ik niet snel nerveus als ik een vraag wil stellen, maar als je dat heel officieel via de voorzitter moet doen en een microfoontje moet indrukken en je gelijk je hoofd op de beeldschermen ziet verschijnen (en iedereen kan live thuis meekijken met de raadsvergaderingen) dan is dat toch wel even heel vreemd. In zo’n vergadering is het allemaal wel net wat formeler allemaal. Zo spreek je bijvoorbeeld altijd via de voorzitter van de vergadering. Dus een vraag aan onze wethouder Ingrid Wolsing is niet “goh Ingrid, wat bedoel je nu hier of daar mee?”, maar: “geachte voorzitter, zou de wethouder nadere toelichting willen geven over …”. En zo zijn er nog veel meer van die regeltjes waarmee je rekening moet houden bij hoe je vergaderd.

Gelukkig is het werk voor de gemeenteraad niet alleen het vergaderen en de stukken lezen. Juist niet! Meeste tijd zit in het spreken met zoveel verschillende mensen die uiteindelijk te maken hebben met het beleid dat in de gemeenteraad voorgesteld wordt. Juist dat maakt het raadscommissiewerk zo leuk en boeiend. Momenteel zijn er veel informatiebijeenkomsten waar je als commissielid voor uitgenodigd wordt om te horen wat er al aan mooie ideeën en veranderingen al ingezet worden in bijvoorbeeld de zorg en welzijn. Helaas is het karakter van dergelijke bijeenkomsten nog erg beleidsmatig. Komende tijd zou ik daarom graag nog meer in gesprek komen met mensen die echt in de dagelijkse praktijk te maken hebben met de zorg en welzijn in onze gemeente. Want ik ben er van overtuigd dat juist mensen die het betreft heel goed weten aan te geven waar ze tegenaan lopen in de uitvoering van beleid, maar nog meer zelfs hele goede ideeën hebben voor hoe het verbeterd kan worden. Dus nodig me gerust uit!